Sigur Rós is ontketend op nieuwe plaat ‘Kveikur’

sigur ros kveikur
Even grofkorrelig op de foto als de muziek op de plaat. De mannen van Sigur Rós zijn terug, en luider dan ooit.

Sigur Rós is ontketend. Ze zijn ontketend uit de etherische niemendalletjes die voorgaande plaat ‘Valtari’ afsloten. Die nummers lijken wel van een andere band te komen als je de denderende bassen van deze plaat hoort én voelt. Het vertrek van toetsenist Kjartan Sveinsson leidde naar ‘Kveikur’, het moment waarop Sigur Rós het label slowmotion rock resoluut afwerpt.

Daarmee bedoelen we niet dat er geen ingetogen passages meer op ‘Kveikur’ staan. Afsluiter ‘Var’ is zo’n voortkabbelend nummer, en dan bedoelen we dat heel positief. Sigur Rós verstaat als de beste de kunst om met zo weinig mogelijk melodielijnen een pracht van een nummer te maken. We wijzen daarmee eerder op hoe snel deze nummers openbarsten. De band is een meester in de crescendo-opbouw, maar lijkt op ‘Kveikur’ bewust te kiezen voor beknoptheid. Alle nummers blijven – zonder uitgesponnen outro’s – onder de vijf minuten. Een unicum voor een band die zijn hand niet omdraaide voor een episch kwartiertje.

Opener ‘Brennistein’ zindert door de boxen en richt zich op als een log maar dreigend monster van gitaarkrijsen en drumgeweld. Waar drum en bas een bijrol kregen op ‘Valtari’ eisen ze nu de hoofdrol op. Georg Holm martelt zijn bas op verschillende manieren en dat levert een waaier aan geluiden op. Jónsi zingt agressiever dan ooit en blijft ook voor de rest van het album grotendeels weg van de langgerekte lettergrepen. Het hoge tempo is verfrissend maar ook niet volledig nieuw. Maar dit voelt anders. Violen mogen nu ook lelijk klinken. Sommige nummers balanceren op het randje van de chaos. Het feeërieke is er grotendeels af op ‘Kveikur’.

En dat levert verdorie goede nummers op. Meer dan ooit volgt Sigur Rós – relatief consistent – de normale songstructuren. ‘Ísjaki’ en ‘Rafstraumur’ zijn eigenlijk pure rocksongs (met oh oh yeahs en een ouderwetse gitaarsolo), maar dragen toch een onmiskenbare Sigur Rós-stempel. Speels en hoopvol, zonder dat je spontaan aan een troep elfen denkt. Jónsi’s solowerk ‘Go’ klinkt hier duidelijk door en voorkomt dat de waterdichte geluidsmuur te verstikkend werkt.

Het lijkt alsof Sigur Rós een nieuw perspectief gevonden heeft op zijn eigen werk. Het nummer ‘Kveikur’ doet je haast claustrofobisch worden dankzij een effect op Jónsi’s stem. Een slag in je gezicht in vergelijking met de minutenlange opbouw van ‘()’. Ze blazen je omver vanaf de eerste seconde met een wervelwind van zinderende bas, drum en you’s. Voor de soundtrack van de Apocalyps moet je in Reykjavik zijn.

Advertenties

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s