[1] De verbinding

Ken je dat gevoel? Wanneer je tram of bus zijn komst aan de halte zo perfect getimed heeft dat je je wandeltred zelfs niet moet onderbreken om in te stappen? De perfecte verbinding. Het universum lijkt even helemaal juist te draaien. Ik hou van zulke kleine pleziertjes.

Eenmaal in de tram viel me op hoeveel mensen druk in de weer waren met hun mobieltje. Ze belden en scrolden en prulden terwijl de tram van de ene halte naar het andere rode licht schokte. Iedereen in z’n eigen wereldje van kwart na acht ’s avonds.

Nu pleit ik zelf ook wel eens schuldig – trams zijn nu eenmaal de uitgelezen plek om met een sms’je gauw te laten weten dat je onderweg bent. Of om nog even Facebook te checken. Maar ik denk niet dat ik al ooit op een bus of tram getelefoneerd heb. Te veel extra oren en ogen. Van de omgevingsgeluiden leken deze mensen geen last te hebben en van luistervinken hadden ze ook geen schrik. Het voordeel van exotische talen.

En plots botsten twee wereldjes op  elkaar. Een man baande zich al bellend een weg naar het achterste gedeelte van de tram en kwam ondertussen een oude bekende tegen – die ook aan het bellen was. Gelukkig hadden ze elk nog een smartphonevrije hand op overschot voor een korte begroeting in stilte. De telefoongesprekken liepen onverstoord verder en voor ik het wist zaten ze elk terug in hun eigen bubbel.

Vlak voor mijn neus zag ik wat Andrew Sullivan met zijn prangende eigen ervaringen beschreef in zijn essay “I used to be a human being”:

By rapidly substituting virtual reality for reality, we are diminishing the scope of this interaction even as we multiply the number of people with whom we interact. We remove or drastically filter all the information we might get by being with another person. We reduce them to some outlines — a Facebook “friend,” an Instagram photo, a text message — in a controlled and sequestered world that exists largely free of the sudden eruptions or encumbrances of actual human interaction. We become each other’s “contacts,” efficient shadows of ourselves.

Sullivan ging bijna ten onder aan zijn internetverslaving – die hem nochtans goed van pas was gekomen doorheen zijn gelauwerde journalistieke carrière. Smartphones trekken ons weg uit het hier en nu, zo schrijft hij. Zit je op de tram door Facebook te scrollen, dan zit je niet meer helemáál op de tram. De prikkels van de gesprekken achter je, de bewegingen op het voetpad en de heisa op de weg? Hun plaats in je brein werd al ingenomen door een like of een bericht op het scherm. Of in dit geval: een telefoongesprek.

Sullivan verkiest een telefoongesprek wel boven een sms of chatbericht omdat de nuances van de stem met haar intonatie en pauzes meer emotionele informatie geven dan enkel platte tekst met hier en daar een emoticon. Maar ik vond het toch frappant om echt te zien hoe we zo verbonden willen zijn dat een verbinding recht voor ons op pauze wordt gezet.

Eenmaal de mannen hun telefoongesprekken hadden afgerond, volgde er een warme omhelzing.

 

Advertenties

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s